1989 a Zachd, debata w Nutshuis

2009.11.07 Nasza Polonia


Andre Gerrits, Frans Timmermans, Nausicaa Marbe i Paul Scheffer - debata w haskim Nutshuis
Foto Grace Wychowanska

W haskim Nutshuis odbya si w rod 4-go listopada debata na temat konsekwencji wydarze w 1989 r. dla Europy Zachodniej. Zorganizowana przez EUNIC, organizacj zrzeszajc przedstawicielstwa kulturalne krajw UE, debata odbya si w jzyku angielskim, mimo i panel skada si z osb holendersko-jzycznych.

Pod przewodnictwem Andre Gerrits, wykadowcy na Uniwersytecie Amsterdamskim, debatowali Nausicaa Marbe, pisarka rumuskiego pochodzenia i felietonistka dziennika de Volkskrant, publicysta Paul Scheffer oraz wiceminister do spraw europejskich Frans Timmermans. Caa trjka podzielia si z sal wspomnieniami, jak wwczas odczuli upadek muru. Zarwno Frans Timmermans jak i Paul Scheffer podkrelali, e nikt nie przewidywa takiego biegu wydarze, i e koniec komunizmu w Europie rodkowej by zaskoczeniem, i to nie tylko na Zachodzie.

Dalsza cz dyskusji dotyczya minionych dwudziestu lat z perspektywy Zachodu. Wice-minister Timmermans musia przyzna, e stosunki midzy starymi i nowymi czonkami Unii stale przypominaj, rodzin, ktra zaprasza w goci, ale nie akceptuje ich jako czonkw rodziny. Odnonie stosunkw z Rosj Timmermans powiedzia, e s kraje nadgorliwie w krytykowaniu Rosji, ale i kraje naiwnie ulege. 'Im wiksza naiwno jednych krajw, tym wiksza skonno do nadgorliwoci u innych', skwitowa Timmermans postaw UE w stosunkach z Rosj. Uwaa on rwnie, e w sprawach bezpieczestwa zewntrznego Unia powinna si koncentrowa na swoich bezporednich granicach, wschodniej i poudniowej.

Kiedy Paul Scheffer wyrazi obaw, e coraz wicej ludzi zamyka si w lokalnej tosamoci w strachu przed cudzoziemcami i globalizacj, Timmermans odpar, e nie maj si czego ba, bowiem taka ograniczona tosamo nie da im nic wicej ni otwarcie na wiat.

Nausicaa Marbe zwrcia uwag, e tak jak w 1989 r. nowe kraje byy traktowane jako drugorzdne, tak i dzisiaj ludzie z Europy rodkowej s tak traktowani i czsto padaj ofiar wyzysku, nowoczesnego niewolnictwa i zmuszania do prostytucji. Udzia Zachodu w budowaniu Unii wyranie potrzebuje refleksji i poprawy, taki mona wycign wniosek z tej debaty.

Jan Minkiewicz


1989 EN HET WESTEN, DEBAT IN HET NUTSHUIS

In het Haagse Nutshuis vond op 4 november een debat plaats over de consequenties van de gebeurtenissen van 1989 voor West-Europa. Georganiseerd door EUNIC, vereniging van culturele vertegenwoordigingen van de EU-landen, werd het debat in het Engels gehouden, hoewel het panel uit louter Nederlandstaligen bestond.

Onder leiding van Andre Gerrits, docent aan de UvA, debatteerden Nausicaa Marbe, schrijfster van Roemeense afkomst en columniste van de Volkskrant, publicist Paul Scheffer en Staatssecretaris Europese Zaken Frans Timmermans met elkaar. Het drietal deelde de herinneren, aan wat zij destijds bij de val van de muur voelden, met de zaal. Zowel Frans Timmermans als Paul Scheffer benadrukten, dat niemand die loop der gebeurtenissen kon voorzien en dat het einde van het communisme in Midden-Europa als een verrassing was gekomen, en niet alleen in het Westen.

Verder ging de discussie over de laatste twintig jaar vanuit westers perspectief. Staatssecretaris Timmermans moest toegeven, dat de relaties tussen oude en nieuwe lidstaten nog steeds doen denken aan een familie, die te gast uitnodigt, maar je niet als familielid beschouwt. Wat betreft de relaties met Rusland zei Timmermans, dat er landen zijn die overdrijven in hun kritiek op Rusland, maar ook naief ingestelde landen. 'Hoe groter de naiviteit van de neen lidstaten, des te meer neiging tot overdrijven bij andere', zo vatte Timmermans de houding samen van de EU in haar relaties met Rusland. Hij vindt ook, dat wat betreft haar externe veiligheid de EU zich dient te concentreren op haar directe grenzen, in het oosten en zuiden.

Toen Paul Scheffer de vrees uitte, dat steeds meer mensen zich opsluiten in kleine identiteiten uit angst voor buitenlanders en de globalisering, antwoordde Timmermans, dat ze nergens bang voor hoeven te zijn, omdat zo'n beperkte identiteit hen niets meer te bieden heeft dan opening voor de wereld.

Nausicaa Marbe richtte de aandacht op het feit, dat zoals de nieuwe landen na 1989 beschouwd werden als tweederangs, mensen uit Centraal Europa vandaag ook zo behandeld worden en vaak slachtoffer zijn van uitbuiting, moderne slavenhandel en gedwongen prostitutie. Het aandeel van het Westen in de verdere bouw van de EU behoeft dus duidelijk nog reflexie en verbetering, dat moet de conclusie zijn uit dit debat.

Jan Minkiewicz